Wat doe je al die tijd als je naast een ziekenhuisbedje zit? Hele verhalen vertel ik tegen je. Dat je stoer en dapper bent. Dat we samen veel avonturen gaan beleven. Dat er twee lieve opa’s als engelbewaarder op je schouder zitten (dat ik niet spiritueel ben aangelegd, doet er even niet toe). Dat er een grote zus op je wacht die over jou moet moederen. Dat je uit het goede hout bent gesneden, omdat je op je papa lijkt. Dat je goed je best moet blijven doen. Dat je straks veel leuke dingen met Zus gaat ondernemen: ijsjes eten, samen in bad, naar de kinderboerderij. Dat al je neefjes en nichtjes met jou willen spelen: samen met jou op de vrachtwagen rijden en in de tuin “werken” bij oma. Dat wij er altijd voor je zijn. En dat wij straks weer heel veel gaan knuffelen.